Parkeerplaats met fiets voor een bereikbare stad

Hoe zorg je ervoor dat mensen minder met de auto en meer met de fiets in het centrum van Roermond komen? Volgens Yorik Janmaat van Colander ligt het geheim in het combineren van twee bestaande concepten: het aanbieden van een parkeerplaats en het aanbieden van een deelfiets.

Janmaat, die als afstudeerder van de TU Delft bij adviesbureau Advier werkt, ziet ook dat Roermond best een uitdaging heeft met het drukke verkeer: de Designer Outlet, de N280 en het centrum kunnen de verkeersstromen maar nauwelijks aan. En dat terwijl er eigenlijk parkeerplaatsen genoeg zijn. Alleen worden die niet allemaal aangeboden. ”Denk bijvoorbeeld aan bedrijven die ‘s avonds en in het weekend hun parkeerplaats helemaal niet nodig hebben”, legt Janmaat uit.” Maar die liggen vaak wel een eindje van de grote Roermondse publiekstrekkers af.

De oplossing ligt wat Janmaat betreft is deelfietsen: “Wat als je het aanbieden van een parkeerplaats nu combineert met het aanbieden van een deelfiets? Dan zorg je ervoor dat een parkeerplaats op grotere afstand ook bruikbaar wordt voor parkeerders.” Zijn platform Colander, Engels voor vergiet, moet vraag en aanbod bij elkaar brengen. Janmaat: “Je biedt een parkeerplaats aan en daarbij een fiets. Met gebruik van een smart lock hoef je helemaal niet fysiek aanwezig te zijn bij een overdracht. Een app opent het slot.” Het mes snijdt volgens Janmaat aan twee kanten: Roermond wordt een stuk bereikbaarder en de aanbieder van de parkeerplaats-met-fiets wordt er financieel beter van. Janmaat denkt aan een tarief van 10 euro per dag parkeren en fietsen. Een kleine fee zou naar Colander gaan; iets meer als de fiets ook door Colander geleverd wordt. “Maar het grootste deel van het bedrag zou gewoon voor de verhuurder zijn”, legt hij uit.  “De massa op het platform moet in eerste instantie van bedrijven komen, maar particulieren moeten op termijn ook hun parkeerplaats en fiets gewoon aan kunnen bieden wat mij betreft.”

Ook het Duitse publiek dat in groten getale naar Roermond komt wil hij bereiken met zijn project. Een bedrijventerrein in het oosten van de stad zou wat hem betreft de ideale plek zijn om zijn platform mee te beginnen. Marktonderzoek moet uitwijzen welke fietsen de Duitsers het liefste zouden willen gebruiken. Janmaat: “Misschien zijn dat wel e-bikes of bakfietsen zodat ze hun inkopen makkelijk kunnen vervoeren.” Speciale Colander-punten die je bij het huren van een plek kunt uitgeven in het centrum als positieve prikkel maken het plaatje compleet.

Zie je wat in het idee van Yorik? Kom dan op 18 mei naar de Boostcamp van de Mobility & Transport Innovation Challenge Roermond en denk mee. Wie weet help jij Colander wel aan de Award die aan het eind van deze dag wordt uitgereikt en bouw je mee aan een succesverhaal.


Parkeerplaats met fiets voor een bereikbare stad

Deelfiets moet de outletshopper verleiden

Hoe maak je Roermond een aantrekkelijk fietsstad en hoe verleid je bezoekers aan het Designers Outlet Center Roermond om na het shoppen ook eens de omgeving te verkennen. Roermond heeft namelijk genoeg te bieden. De deelfietsen van Duurzaam Verbinden moeten daarvoor de oplossing zijn.

Het is eigenlijk zonde dat veel bezoekers aan het Designers Outlet Center de rest van de stad en omgeving niet bezoeken, dachten ze bij Decisio. “Roermond heeft genoeg te bieden: kastelen, natuur, de oude vestingstad natuurlijk”, legt Suzanne Steegman van Decisio uit. Maar veel bezoekers parkeren hun auto bij het Designers Outlet Center, gaan daar winkelen en blijven daar. Om die toch te verleiden, bedacht Decisio een combinatie met deelfietsen en een toeristische route door de stad.

“Dit hebben we echt voor Roermond bedacht. Naar aanleiding van de Challenge hebben we een brainstorm gehouden en zijn we met dit idee gekomen”, zegt Steegman. De bedoeling is dat er op het terrein van het Designers Outlet Center een aantal deelfietsen komt die je contactloos met PIN of creditcard kan betalen. Het slimme slot gaat vervolgens automatisch open. Daaraan gekoppeld is een aantal fietsroutes, bijvoorbeeld op thema. “Maar je kunt fiets en routes natuurlijk ook prima los van elkaar gebruiken”, legt Steegman uit. De fiets moet je in principe overal neer kunnen zetten, in tegenstelling tot bijvoorbeeld de OV-fiets die je verplicht weer moet inleveren bij het station.

Steegman en haar collega’s kijken uit naar de Boostcamp op 18 mei. “We zijn erg bezig met Mobility as a Service”, zegt Steegman, “We hopen dat we op de Boostcamp een aantal van goede ideeën op dat gebied bij elkaar kunnen brengen. Hopelijk leidt dat tot een vervolg, ongeacht de winnaar. We gaan voor de winst, maar er zitten meerdere goede inzendingen tussen.”

Deelfiets moet de outletshopper verleiden

Het spoor in Roermond: zowel verbinder als verdeler

Het spoor houdt Roermond bereikbaar, maar tegelijkertijd snijdt het de stad ook in tweeën. Hoe maak je de verbinding tussen de stadsdelen aan weerszijden van de spoorlijn? Twee studenten van de Universiteit Hasselt hebben een oplossing: een tunnel. Maar niet zomaar een.

Toen in 1865 met de lijn Maastricht-Venlo op het spoornetwerk werd aangesloten, lag het station nog aan de oostkant van de stad. Tot in de jaren 50 van de vorige eeuw bleef dat zo. Daarna begon de stad zich uit te breiden aan de oostkant van het spoor. Om Oost en West te verbinden werd er een tunnel net ten zuiden van het station aangelegd in de Oranjelaan. Later kwam daar iets verderop de Koninginnelaan nog bij.

Yannick Brouns en Jannes Bottu, twee studenten Mobiliteitswetenschappen aan de Universiteit Hasselt (België), zagen tijdens een bezoek aan Roermond dat die tunnels niet optimaal zijn. “Ze zijn onaantrekkelijk en bovendien vooral geschikt voor autoverkeer”, legt Brouns uit. Om het oosten en het westen van Roermond echt met elkaar te verbinden, is volgens hen serieuzer werk nodig: een brede tunnel, speciaal voor fietsers en voetgangers, recht onder het station.

De tunnel zou licht en ruim moeten zijn. Bovendien zouden treinreizigers direct vanuit de tunnel op de perrons moeten uitkomen. Met gepersonaliseerde muziek en licht willen de twee studenten de sfeer compleet maken. “Nee, het moet geen kakafonie worden of een raveparty als er een groep jongeren langskomt”, zegt Brouns. “Technisch gezien willen we het zo regelen dat niet een bepaalde muziekstijl of lichtsoort de tunnel gaat overheersen.”

Het station zelf kent heeft al een voetgangerstunnel, maar die is klein en vormt geen verbindende schakel tussen de twee stadsdelen. Deze tunnel, die wat de studenten betreft gelijk wordt uitgevoerd met een grootschalige stationsvernieuwing, moet dat wel zijn. Bovendien moet de tunnel een vlotte verbinding geven met het Laurentius Ziekenhuis, dat net ten oosten van de spoorlijn ligt.

De studenten kunnen niet wachten op de Boostcamp op 18 mei, vooral omdat NS toegezegd heeft om over hun idee te komen praten. Brouns: “Sowieso is het heel goed om met andere mensen op het gebied van ruimte en architectuur dit idee concreet willen maken. We zien er enorm naar uit!”


Het spoor in Roermond: zowel verbinder als verdeler

Geen vrachtauto's meer in het centrum van Roermond? Het kan!

Tijdens een bezoek aan Roermond viel het student Mobiliteitswetenschappen Dante Miltenburg direct op: het grote aantal vrachtwagens dat aan het lossen was in Roermond. Het bleek de inspiratiebron voor zijn idee voor een beter bereikbaar Roermond: No Lorry City, no lorries, no worries!

De smalle straatjes in het doorgaans zo gezellige centrum van Roermond werden op verschillende plekken bijna volledig ingenomen door vrachtwagens. “Soms kon je nauwelijks tussen de camion en de gevel doorlopen”, memoreert Miltenburg, student aan de Universiteit Hasselt. “Het was echt zeer vervelend.”

Eenmaal terug in België ging hij aan de slag met dit probleem, geïnspireerd door zijn lessen Vracht en het CityDepot Hasselt. Deze duurzame distributeur begon ooit in Hasselt met één cargobike, maar opereert nu door heel België. Vrachtauto’s leveren de goederen bij een depot aan de rand van de stad af, de distributeur brengt het op een zo duurzaam mogelijke wijze de stad in.

“Dit kan ook in Roermond”, vertelt Miltenburg. “Stel je voor dat alle grote winkelketens hierbij zouden aansluiten. Dat scheelt een pak vrachtwagens op de stad en dat komt de leefbaarheid en gastvrijheid van Roermond ook ten goede.” Maar er zijn ook directe voordelen, volgens Miltenburg. Zo hebben winkels geen grote magazijnen meer nodig en zijn ‘gewone’ distributeurs geen kostbare tijd meer kwijt om tot diep in het centrum te geraken. Ze zouden gewoon kunnen lossen bij een van de twee hubs die Miltenburg voorzien heeft: een in het havengebied en een bij knooppunt Het Vonderen, waar de A2 en A73 samenkomen.

Ook wil hij twee hubs in de stad zelf voor particulieren realiseren, bijvoorbeeld in winkels. “Deze zouden dan 24 uur per dag, 7 dagen per week toegankelijk moeten zijn om pakketjes op te halen en verzenden. Ook dit scheelt weer een hoop heen en weer gerij met bestelbusjes”, legt Miltenburg uit.

Hij hoopt op de Boostcamp op 18 mei misschien wel CityDepot warm te krijgen om eens voorzichtig over de grens te kijken. “Maar in Roermond zit ook al CityHub; een concept dat veel raakvlakken heeft met mijn idee. Wellicht zien zij er ook wel iets in.”

Geen vrachtauto's meer in het centrum van Roermond? Het kan!

Hebben fietsers in Roermond straks altijd groen?

Het klinkt als een droom voor de stadsfietser: op je route alleen maar groen licht. Stoppen hoeft niet meer. Als het aan de bedenkers van Schwung ligt, wordt dat binnenkort werkelijkheid. Vialis, het bedrijf achter Schwung, schopt het in ieder geval al tot finalist in de Mobility & Transport Innovation Challenge Roermond.

Thijs van Hall is de bedenker van het concept. Aan de ene kant zag hij de ergernis van veel fietsers die staan te wachten voor het rode licht, terwijl veel gemeenten juist fietsgebruik willen stimuleren. Van Hall: “Via een app geef je je locatie door aan een centraal systeem. Die communiceert met de VRI en kijkt welk verkeerslicht er voor jou op groen moet.” Het mooie is dat de app leert. “Je vaste route naar het werk en je sportclub weet de app op een gegeven moment. Daardoor weet hij automatisch welke lichten er op jouw traject op groen moeten”, legt Van Hall uit. Bovendien willen ze met Schwung samenwerken met Infoplaza op het gebied van verkeer- en weerinformatie. “Je kan dan bijvoorbeeld een regenjas-alert krijgen vlak voor je vertrek, omdat er een bui aan komt.”

Aan de andere kant heeft de gemeente ook voordeel. Die krijgt - geanonimiseerd - inzicht in fietsverkeersstromen en krijgt daarmee waardevolle informatie over hoe de fietsinfra functioneert en waar die verbeterd kan worden. “De privacy is volledig gewaarborgd”, licht Van Hall toe. “Alle informatie die te herleiden is op de gebruiker blijft op de telefoon en gaat dus niet naar het centrale systeem.”

Collega Tom Steijvers ziet nog een voordeel: “Het werkt grotendeels op bestaande technologie. Er hoeven dus geen dure systemen te worden aangelegd. Je kan bijvoorbeeld ook gewoon bestaande apps gebruiken.” Voor de verkeersveiligheid werkt de app alleen als het scherm van de telefoon niet geactiveerd is. Extra informatie is alleen voor- en achteraf door de gebruiker te lezen, waardoor afleiding niet mogelijk is.

Daarbij sluit Schwung naadloos aan op het Coöperatief Intelligent Transportsysteem (CITS) van het programma Beter Benutten. Dat zorgt al voor veel belangstelling. Naast finalist in de Mobility & Transport Innovation Challenge is het bedrijf in gesprek met verschillende gemeenten verspreid door het land voor een pilotproject. Vialis is een VolkerWessels-onderneming en gespecialiseerd in slimme oplossingen voor intelligente infrastructuur.

Hebben fietsers in Roermond straks altijd groen?

6 meter hoog doortrappen in Roermond

Als het aan Shweeb ligt, gaan we 6 meter de lucht in om ons snel, veilig en gezond door de stad te verplaatsen. Het fietsmonorailconcept is een van de zes finalisten van de Mobility & Transport Innovation Challenge Roermond.

Johannes Krens is al acht jaar bezig met het futuristische vervoermiddel, bedacht door de Australier Jeffrey Barnett. Die constateerde dat het in Tokio, waar hij woonde, levensgevaarlijk was om te fietsen. Daarop ontwikkelde hij een elektrisch monorailsysteem dat deels wordt aangedreven door te trappen. Google investeerde er al een miljoen dollar in en het concept werd al bewezen in een pretpark. Maar daar kwam het tot nu toe nog niet uit.

Roermond moet daar verandering in brengen, als het aan Krens ligt. De gepensioneerde sociaal-psycholoog vloog de hele wereld over om mensen in ontwikkelingslanden te helpen met hun trauma, maar zag dat hulporganisaties vooral bezig waren met mensen helpen te overleven. “Daarop besloot ik me met basalere zaken te gaan bezighouden, zoals water en duurzaamheid”, aldus Krens. De Shweeb is daar een prima voorbeeld van. De pods, geschikt voor twee of vier personen, zijn volledig groen aangedreven. De elektrische aandrijving wordt deels opgewekt door te trappen. Het restant komt van zonnepanelen. “Voor een traject van tien kilometer hebben we maar dertig vierkante meter aan zonnepanelen nodig”, legt Krens uit. En hoe meer je trapt, hoe minder je betaalt - al wordt er daarbij wel rekening gehouden met of je kind, oudere of gehandicapte bent.

Het futuristische design kan grotendeels wegvallen in de omgeving, omdat de palen in elke vorm kunnen worden geleverd. Zes meter hoog moet het systeem beginnen bij het voormalige vliegveld Brüggen, net over de grens in Duitsland, waar een grote P+R-locatie moet komen. Via de N280 en de Oranjelaan gaat het dan naar het station. Krens: “Doordat je al in de hoogte bent, kun je een halte realiseren op het dak van de parkeergarage. Vervolgens kan de lijn via het Broekhin of het spoor naar het Outletcentrum om vervolgens te eindigen vlak voor de Maaskade. “Eventueel kun je nog denken aan een verlenging over de Maas naar de Maasplassen”, legt Krens uit.

Het klinkt ambitieus, maar volgens Krens zijn de kosten beperkt: “Voor een miljoen euro per kilometer leg je dit systeem aan. Vergelijk dat maar eens met de tram naar de Uithof in Utrecht die vijftig miljoen per kilometer kost.” Bovendien zijn de pods waarschijnlijk sneller. Krens: “Op rustige momenten kun je ervoor kiezen dat mensen zelf hun snelheid bepalen. Met sensoren kan je voorkomen dat pods met elkaar in botsing komen. Maar op drukke momenten kan je als beheerder zelf de snelheid instellen. Zo kan je gemiddeld 50 kilometer per uur halen.”

Wie wat in het systeem ziet, kan kennismaken tijdens de Boostcamp van de Mobility & Transport Innovation Challenge Roermond op 18 mei. Daar kan je ook helpen om het idee echt van de grond te krijgen. Dan zal ook blijken of de Shweeb de winnaar wordt van de award die dan wordt uitgereikt. 

 

6 meter hoog doortrappen in Roermond